Vandaag gaan we ons derde jaar in. Voor de zeventigste keer stappen we in het avontuur van zitten in aandacht.  Voor de zeventigste keer is dat de eerste keer.  Want alles is telkens nieuw en iedere keer opnieuw beginnen we als een onbeschreven blad. Zonder ambitie, zonder doel. Zittend in aandacht. Dat is al moeilijk genoeg! 

Aandachtig zijn zonder denken, zien zonder kijken, weten zonder begrijpen, hoe doe je dat? Hopen zonder verwachten, geloven vanuit de wanhoop, het blijft een onmogelijke opdracht, een ondoorgrondelijke muur, een koan die al onze verstandelijke vermogens uit elkaar doet spatten.  Of oplost, dat klinkt wat vriendelijker.

 

Zitten in zen heeft niets van het softe. Zen vergt dat je je er dagelijks voor inzet én erop inzet. Zonder een zweem van heldhaftigheid, fysieke of spirituele krachtpatserij - kijk eens wat ik al kan, hoe lang ik in lotushouding kan zitten, kijk eens hoe onthecht ik ben! Het gaat er niet om hoe ver je al bent op het pad; wie het pad ziet als een uitgestippeld traject dat je maar hoeft te volgen, komt bedrogen uit.  Het pad ontrolt zich naarmate je het gaat.  Het brengt je meestal waar je niet zijn wil. Alles waar we zo naar verlangen wijkt verder van ons weg naarmate we denken het te zullen of moeten bereiken.  Alles waarop we denken recht te hebben ontglipt ons, zodat we ons tevreden zullen moeten stellen met wat is, ook al breekt het ons zuur op. Zen dwingt ons tot deemoed.

 

Zen dwingt ons ertoe te aanvaarden wat is. Edel Maex verwoordt het in zijn onlangs verschenen boek zo uit:

Dat is wat we doen in de meditatie: we creëren een veld van welkom voor wat zich ook aandient. 1

Aanvaarden is dus niet je ergens bij neerleggen of je er gelukzalig in wentelen, maar het met heel je hart een plaats geven in je leven.  Dat geldt dus ook voor de pijn, het verdriet en de ontgoocheling die ons deel worden. De pijn omhelzen, welkom heten, het is meer dan waar een normaal mens toe in staat is. Iedere dag opnieuw hartelijk afscheid nemen van de pijn van gisteren en het verdriet van vandaag verwelkomen.  Iedere dag met een warm hart afscheid nemen van het zalige gisteren en de vreugde van vandaag verwelkomen. 

 

Zo, daar zijn we dan klaar mee: ik zorg ervoor dat ik het evenwicht behoud, de bluts met de buil neem, en dan kan er mij niets overkomen.  Vergeet het maar.  Omarmen, welkom heten, mediteren, zen… het heeft allemaal niet de minste zin als het ons ego moet dienen.  In de traditie waarin wij staan ligt de nadruk op de verbondenheid met alles en iedereen.  Zolang er nog één kindertraan in de wereld is, kàn ik niet gelukkig (bevrijd/ ontwaakt/ verlicht) zijn, zegt Dostojevski.  Mijn klein geluk verdampt naast de schroeiende pijn van de talloze levende wezens die lijden.  Ik kan het wereldleed niet op mijn schouders nemen, ik kan het in mijn eentje niet oplossen. Wat ik wel kan proberen is met mededogen het lijden in de wereld mee te voelen en trachten het zoveel mogelijk te vermijden.

 

Dergelijke gedachten zijn altijd welgekomen.  Het hele jaar door.

____________

 1 Maex, E. (2013). Dit is de plaats. Over zen, mindfulness en mededogen. Tielt: Lannoo. (p.36)